Vegan vlamtosti

De legendarische voetbalkantinesnack, de parel onder de tosti’s en de perfecte lunch voor pittige types: de vlamtosti. Maar dan helemaal vegan, natuurlijk. Voor 2 vlamtosti’s 1 bakje vegetarisch gehakt 4 sneeën brood 1 eetlepel tomatenpuree Vegan kaas (ik gebruikte Violife geraspt) Vegan boter (ik gebruikte die van Alpro) Sambal Paprikapoeder Knoflookpoeder Komijnzaad Chilisaus (optioneel) Verhit wat olie in de pan en bak hierin het vega gehakt. Laat 3 minuten bakken en kruid het dan met wat paprikapoeder, knoflookpoeder en komijnzaad. Voeg er ook lekker wat sambal en de eetlepel tomatenpuree aan toe en meng alles goed door. Smeer 1 kant van de boterhammen in met een laagje vegan boter; dit worden de buitenkanten. Beleg de binnenkant met de kaas, voeg er dan het pittige gehakt aan toe en eindig met nog een beetje kaas. Bak de tosti’s – met de boter aan de buitenkant, dus! – in de pan of onder het tosti-ijzer tot ze een lekker krokant korstje hebben. Lekker met chilisaus!

Vegan sushilasagne met avocado, komkommer en tempeh

Wel sushi, niet 300 uur rollen met rijst dat forever aan je tengeltjes blijft plakken. Wel met mes en vork eten, niet prutsen met die stokjes die vrij onmogelijk zijn in combinatie met de motorische skills van sommigen onder ons (waaronder ik). Oftewel, wel de lusten, niet de lasten: SUSHILASAGNE. PS Je kunt natuurlijk alle groenten gebruiken die jij lekker vindt in sushi en in plaats van tempeh kun je bijvoorbeeld ook gaan voor (gemarineerde) tofu of een vegan krokante kipschnitzel. Voor 2 à 3 personen 300 gram sushirijst 1 rijpe avocado Stuk komkommer 1 bosuitje 250 gram tempeh 3 norivellen Gefrituurde uitjes Sriracha mayo (of meng vegan mayo met sriracha) Rijstazijn Suiker Zout Marinade voor de tempeh Sojasaus Ketjap manis 2 teentjes knoflook Sambal Liefst een paar uur van tevoren: snij de tempeh in plakken en doe dit in een bakje. Voeg hier een flinke scheut sojasaus en ketjap manis aan toe, pers de knoflook uit en doe er een beetje sambal bij. Hussel goed door zodat alle tempeh onder de marinade zit en zet in de koelkast. Kook de sushirijst zoals aangegeven op de verpakking. Voeg, als de sushirijst helemaal is afgekoeld, 2 eetlepels rijstazijn, een snuf zout en 2 theelepels suiker toe. Snij ondertussen de avocado en komkommer in plakjes. Snij ook de bosui klein. Haal de gemarineerde tempeh uit de koelkast, pak een pan erbij en bak de tempeh mooi bruin met een drupje olie. Pak een schaal/bakje en beleg de bodem met een norivel. Doe er dan een laag rijst op en vervolgens de komkommer en avocado. Doe er dan weer een norivel op, een laag rijst en dan de tempeh. Leg daar weer een norivel op en eindig met een laag rijst. Doe hier de gefrituurde uitjes, bosui en tot slot de sirachamayonaise overheen. Smakelijk!

Vegan frikandelbroodjes

test alt text
Ik vind die balletjes van Vegafit en de Aldi dus altijd wat weg hebben van frikandellen. Ik eet ze dan ook regelmatig op een broodje met mayo (en m’n vriend die van speciaal houdt ook met curry en uitjes) en dan waan ik me weer even in de hockeykantine na een strijdlustige hockeywedstrijd. #goodoldtimes
En dus dacht ik: als die balletjes naar frikandel smaken, kan ik er toch ook frikandelbroodjes van maken? O, jazeker. Proeft en zij gult ervaren.
Voor 6 frikandelbroodjes
1 bakje vegan balletjes van Vegafit of Aldi
1 bakje vegan balletjes van Vegafit of Aldi
6 plakjes vegan bladerdeeg (bijvoorbeeld Koopmans origineel)
  • Curry
  • Beetje sojamelk
    1. Verwarm de oven voor op 200 graden en leg het bladerdeeg op het aanrecht, zodat het kan ontdooien.
    2. Ga met een mesje dunnetjes over het midden van het bladerdeeg (niet erdoorheen snijden!). Daarna mag je aan de rechterkant wat sneetjes maken (wel erdoorheen snijden). Zie foto hieronder!
    3. Smeer aan de linkerkant van het bladerdeeg wat curry. Ik gebruikte anderhalf theelepeltje per broodje, maar ik ben niet zo’n sausmens. Hou je wel van curry, gooi er dan vooral lekker veel op. Kiek maar wat je lekker vindt.
    4. Snij de balletjes doormidden en leg ze op de curry. Er kunnen 4 halve balletjes op een plakje bladerdeeg.
    5. Vouw het frikandelbroodje dicht en prik de zijkant goed dicht met een vork. Aan de korte zijkanten kan het deeg waarschijnlijk niet helemaal dicht vanwege de balletjes, maar duw het bladerdeeg daar maar een beetje naar beneden.
    6. Smeer met een kwastje een beetje sojamelk over de frikandelbroodjes en schuif ze voor 15 tot 25 minuten in de oven. Dit ligt een beetje aan je oven, dus check even hoe ver ze zijn na een kwartiertje. Daarna is het smullen geblazen!

    Broodje pulled jackfruit met coleslaw en zelfgemaakte barbecuesaus

    test alt text
    Ja hoor, éíndelijk heb ik ook jackfruit gegeten! Ik had er al veel over gehoord, maar nog niet eerder geprobeerd. Mijn Albert Heijn had het namelijk steeds niet, dus hebben de vriendelijke vrienden van AH het uiteindelijk voor mij besteld.
    Jackfruit heeft de structuur van vlees en is op zich vrij smaakloos, maar na een tijdje pruttelen in een kruidig sausje trekt de smaak er lekker in. Bij deze tofusteaks maakte ik al eens superlekkere barbecuesaus, dus besloot ik datzelfde receptje te gebruiken voor mijn broodje pulled jackfruit. De coleslaw maakte ik al eens met deze wraps met pittige bloemkool en kikkererwten.
    Jackfruit heeft de structuur van vlees en is op zich vrij smaakloos, maar na een tijdje pruttelen in een kruidig sausje trekt de smaak er lekker in. Bij deze tofusteaks maakte ik al eens superlekkere barbecuesaus, dus besloot ik datzelfde receptje te gebruiken voor mijn broodje pulled jackfruit. De coleslaw maakte ik al eens met deze wraps met pittige bloemkool en kikkererwten.
    PS Mocht je nog barbecuesaus in de koelkast hebben staan, kun je dit natuurlijk ook gebruiken. Misschien wel minder lekker, maar scheelt weer ingrediënten. Kant-en-klare vegan coleslaw bestaat denk ik niet.
    Voor 2 à 3 personen
    • 2 of 3 broodjes
    • 1 rode ui
    • 1 blik jackfruit (te koop bij Albert Heijn, een Aziatische toko of Ekoplaza)
    • Groentebouillonblokje
    test alt text
    Voor de barbecuesaus
    • 2 teentje knoflook, uitgeperst
    • 140 gram tomatenpuree
    • 0,5 eetlepel appel cider azijn
    • 0,5 theelepel suiker
    • 2 flinke scheuten ketchup
    • Scheutje sojasaus
    • Sambal naar smaak (ik deed 0,5 eetlepel)
    • Peper
    • Snufje zout
    • Paprikapoeder
    • Komijnzaad
    Voor de coleslaw
    • 100 gram gesneden rode kool
    • 100 gram geraspte wortels
    • 2 eetlepels vegan mayonaise (Remia Mayolijn, bijvoorbeeld)
    • 1,5 theelepel mosterd
    • 0,5 theelepel apple cider azijn
    • Scheutje citroensap
    • 1 à 2 eetlepel(s) water
    • Peterselie
    • Peper
    • Zout
    1. Laat de (of het?) jackfruit uitlekken. Maak de barbecuesaus door alle ingrediënten hiervoor in ruime kom te gooien en breng op smaak met peper, paprikapoeder, komijnzaad en een snufje zout. Is de barbecuesaus te dik? Verdun het dan met een beetje water.
    2. Snipper de ui, verhit wat olie in een braadpan en fruit hierin de ui een paar minuten. Dep ondertussen de jackfruit goed droog en trek de jackfruit met twee vorken uit elkaar, zodat je een pulled pork-idee krijgt.
    3. Zet een volle waterkoker aan. Doe de jackfruit bij de barbecuesaus en mix goed door elkaar. Gooi de jackfruit daarna bij de ui in de pan en laat 3 minuten al roerend bakken.
    4. Schenk dan het kokende water bij de jackfruit, tot het nét niet onder water staat. Verbrokkel het groentebouillonblokje boven de pan, roer goed door en laat dit 20 tot 30 minuten pruttelen op een laag vuurtje.
    5. Maak ondertussen de coleslaw door het sausje te maken en daarna de rode kool en wortel erdoor te roeren.
    6. Snij de broodjes open en beleg met een laagje coleslaw en daarna de pulled jackfruit. Smakelijk!

    Vegan bananenpannekoekjes met warm fruit

    test alt text
    Ken je dat gevoel dat je zin hebt om ’s ochtends op te staan? Nee, ik ook niet. Maar het ging vanochtend wél een stukkie makkelijker, want deze pannekoekjes stonden op het menu. YUM. ????#perfectweekendontbijt
    Voor 2 personen (3 à 4 pannekoekjes pp)
    • 1 rijpe banaan
    • 200 ml sojamelk
    • 90 gram tarwebloem
    • 1 eetlepel chiazaad
    • 1 theelepel bakpoeder
    • 1 theelepel vanillesuiker
    • Paar druppels citroensap
    • Snuf kaneel
    • 2 handjes bosvruchten uit de diepvries
    • Ahornsiroop
    1. Doe in een maatbeker 200 ml sojamelk en doe hier een eetlepel chiazaad bij, zodat dit vast een beetje kan wellen.
    2. Pak een grote schaal, doe hierin de banaan en prak deze fijn. Voeg dan de tarwebloem, de sojamelk, het bakpoeder, de vanillesuiker, een paar druppels citroensap en een flinke snuf kaneel toe. Mix door elkaar tot je een mooi, glad beslag heb.
    3. Verhit wat olie in een pan (met een goede anti-baklaag!) en doe hier een kleine soeplepel met beslag in. Als het beslag begint te pruttelen en de pannekoek goed los is van de bodem, kun je hem omdraaien. Leg het pannekoekje op een bord als-ie klaar is en bak door tot al het beslag op is. Verdeel de pannekoeken over twee broden.
    4. Doe ondertussen het diepvriesfruit in een klein pannetje en laat dit langzaam warm worden op een laag vuurtje.
    5. Schenk wat ahornsiroop over de stapels bananenpannekoeken als al het beslag op is en verdeel de bosvruchten over de pannekoeken. Mmm… Smakelijk!

    Noodlesoep met tofu, groene paprika en champignons

    Jep, ook bij huize Geen Blaadje Sla had de griep aangeklopt. En als ik ziek ben heb ik altijd zin in soep, maar mijn staafmixer doet het de laatste tijd maar voor de helft. Flut met peren, dus. Gelukkig bedacht ik me dat er ook gewoon noodlesoep bestaat: een supervullende en -gezonde soep, zónder staafmixer! Yes. Ben nu trouwens gewoon weer op de been! Komt vast door die soep. ????
    Voor 3 à 4 kommen
    • 1 ui
    • 2 teentjes knoflook
    • 1 blok tofu
    • 1 eetlepel geraspte gember
    • 200 gram noodles
    • 1 groene paprika
    • 250 gram kastanjechampignons
    • 1 blik cannellini bonen
    • 2 groentebouillonblokjes
    • Sojasaus
    • Chilipeper
    • Sesamzaadjes
    • Korianderzaad
    1. Leg de tofu op een theedoek en laat het blok uitlekken door er iets zwaars op te zetten (een pan, bijvoorbeeld). Laat een kwartier zo staan. Snipper ondertussen de ui en snij de paprika in blokjes en de champignons in plakjes. Rasp ook de gember.
    2. Snij de tofu in 6 of 8 dunne plakjes (2 per persoon) en leg in een bakje. Giet hier sojasaus overheen, totdat de plakjes onder staan. Zet het bakje in de koelkast.
    3. Verhit wat olie in de pan en bak hierin de ui. Pers na 2 minuten de knoflook uit en gooi de geraspte gember en lekker wat korianderzaad en chilipoeder erbij. Laat even bakken.
    4. Zet de waterkoker aan met 1 liter water. Verhit wat olie in een koekenpan en bak de tofuplakken aan beide kanten goudbruin. Leg ze daarna even apart.
    5. Voeg dan 1 liter kokend water toe aan de soeppan, samen met 2 groentebouillonblokjes, de noodles en de paprika. Laat 2 minuten koken en gooi ondertussen de cannellini bonen in een vergiet.
    6. Terwijl de soep kookt, mag je de champignons bakken. Dit kan gewoon in dezelfde pan als waar je de tofu in bakte. Voeg ook de overgebleven sojasaus uit het bakje van de tofu bij de champignons.
    7. Voeg de champignons en bonen toe aan de soep, verdeel dit over de soepkommen en doe in elke kom 2 tofuplakken. Garneer tot slot met wat sesamzaadjes. Smakelijk!

    Fluffy pancakes

    Op normale werkdagen ben ik al blij als ik ’s ochtendsvroeg capabel genoeg ben om mijn broek niet achterstevoren aan te trekken, maar als ik een beetje uit kan slapen en de tijd heb, maak ik graag een uitgebreid ontbijtje. Deze beauties smaken net zo lekker als dat ze eruit zien. Beloof me dat je ze een keer maakt in je leven. Ook lekker als lunch, trouwens!
    Voor vier pannenkoekjes
    • 200 gram spelt- of volkorenbloem
    • 350 ml sojamelk (of andere plantaardige melk)
    • 1 tl bakpoeder
    • 1 tl appelcider azijn
    • 1 tl vanillesuiker (optioneel)
    • 2 tl cacaopoeder (optioneel)
    • 2 tl kaneel
    • 1 tl zout
    • Olijfolie
    Toppings:
    • Ahornsiroop
    • Aardbeien
    • Blauwe bessen
    • Frambozen
    • Banaan
    • Of ander (diepvries)fruit, wat je maar lekker vindt
    1. Gooi het meel, de bakpoeder, de kaneel, het zout en de eventuele cacao en vanillesuiker in een kom. Voeg al roerend de sojamelk en het theelepeltje appelcider azijn toe.
    2. Als je een klontvrij beslag van mooie dikte hebt, mag er gebakken worden. Laat wat olijfolie warm worden in een pan met goede aanbaklaag en giet een beetje beslag hierin. Handig om dit met een soeplepel te doen! Als je perfecte, insta-waardige pancakes wil krijgen, kun je ook een vormpje gebruiken, maar ik deed het gewoon uit de losse pols.
    3. Bak het pannenkoekje aan twee kanten mooi bruin en leg op een bord. Giet er een beetje ahornsiroop overheen. Leg een bord ondersteboven op het bord om je pannenkoek warm te houden.
    4. Bak en stapel door tot het beslag op is. Top af met nog wat ahornsiroop en het fruit. Dat is potverdorie nog eens lekker wakker worden hè. Je zou er bijna een ochtendmens van worden.

    Quinoasalade met spinazie, geroosterde pompoen en kikkererwten

    Ik had nog een halve pompoen over, dus na een weekend dat wel íetsje gezonder had gekund – iets met chips en een bult friet – besloot ik een lekkere herfstsalade te maken. Naast lekker gezond valt deze salade ook onder de categorie: minimale inspanning, maximale smaakbeleving. Altijd aangenaam op een doordeweeks daggie!
    Voor twee personen
    • 0,5 flespompoen
    • 1 teentje knoflook
    • 3 handen verse spinazie
    • 1 blik kikkererwten
    • 1 handje gedroogde cranberry’s
    • 150 gram quinoa (mocht je nog couscous in je kast hebben staan: kan ook)
    • 1 handje walnoten
    • 2 eetlepels tahin (dat is sesampasta, gewoon te koop in de supermarkt!)
    • Citroensap
    • Paprikapoeder
    • Chilipoeder
    • Peper
    • Zout
    • Olijfolie
    1. Verwarm de oven voor op 180 graden en laat de kikkererwten uitlekken. Snij de pompoen doormidden, verwijder de zaadlijsten en snij 1 helft van de pompoen vervolgens in blokjes. Leg de kikkererwten en pompoenblokjes op een met bakpapier beklede bakplaat en besprenkel er wat olijfolie over. Kruid dan met paprikapoeder, chilipoeder en peper. Pers een knoflookteentje uit boven de kikkererwten en pompoen, hussel alles goed door elkaar en schuif de bakplaat dan voor 40 minuten in de oven.
    2. Kook de quinoa zoals aangegeven staat op de verpakking. Hak de walnoten iets kleiner.
    3. Maak de dressing door twee eetlepels tahin, een scheutje citroensap en wat zout in een kommetje te mengen. Voeg steeds een beetje water toe terwijl je roert. Ga door tot je een lekkere, romige saus hebt van de juiste dikte.
    4. Verdeel de spinazie, quinoa, kikkererwten, pompoen, walnoten en cranberry’s over twee borden. Besprenkel je salade met de tahindressing en smullen maar!

    Zwarte bonenbrownies met superveel vezels

    Misschien hebben jullie al aan m’n recepten gemerkt dat ik meer een kook- dan bakmens ben. Toch dook ik laatst met plezier de keuken in, want Meesters van de Halm daagde mij uit om iets met hun granola’s te doen!
    Meesters van de Halm is een leuk familiebedrijf, gevestigd in een Brabants dorpje bij mij om de hoek. Naast een leuk bedrijf zijn ze vooral ook een heel duurzaam bedrijf. Zo gebruiken ze #bioplastic (wat betekent dat hun plastic verteerbaar is!), zijn alle producten volledig biologisch en focussen ze zich tijdens het productieproces op het besparen van (groene) energie en het voorkomen van onnodige foodwaste. Me likey like.
    Meesters van de Halm heeft onder andere suikerarme, vezelrijke en eiwitrijke granola. Aan mij de nobele taak om deze eigenschappen te versterken in een leuk recept. Challenge accepted! Ik besloot met de vezelrijke granola te beginnen, want de receptideeën plopten bij deze granola meteen m’n hoofd binnen. Met vezels weet ik namelijk wel een bietje raad. Zo weet ik bijvoorbeeld dat bonen en cacaopoeder barsten van de vezels. En die combinatie zou nog weleens leuk kunnen uitpakken.
    En leuk uitgepakt it is! Deze vezelrijke brownies staan binnen een handomdraai voor je neus en smaken serieus net zo lekker als de boter-suiker-en-eieren-brownies, maar dan veel gezonder! En vegan of course. #stophetinme
    Qua vezels is het volgens mij ook aardig gelukt: ik heb het even uitgerekend en elke brownie bevat zo’n 11,5 gram vezels. #hallovezelboost
    Fijn voor de mensen bij wie het eten er soms beter in- dan uitgaat. Maar daar zal ik verder maar niet teveel op ingaan, gezien ook de kleur van de brownies en zo. De eetlust moet wel on point blijven.
    Voor 7 brownies
    • 1 blik zwarte bonen
    • 1 rijpe banaan
    • 100 gram vezelrijke granola van Meesters van de Halm
    • 70 gram cacaopoeder
    • 2 eetlepels ahornsiroop
    • 100 gram dadels
    • 3 theelepels bakpoeder
    • 2 blokjes 87% pure chocolade (ongeveer 30 gram)
    • 1 eetlepel olijfolie
    1. Verwarm de oven voor op 180 graden. Gooi de bonen in een vergiet, spoel af met water en laat goed uitlekken. De dadels mogen 15 minuutjes weken in een schaaltje met kokend water. Worden ze lekker zacht van.
    2. Gooi in een blender (of in een schaal, in combinatie met een staafmixer) de bonen, banaan, 50 gram vezelrijke granola, het cacaopoeder, de ahornsiroop, het bakpoeder en de olijfolie. Ontpit de dadels en gooi ze ook in de blender. Blend het geheel tot een gladde massa.
    3. Hak de chocola in kleine stukjes en doe dit samen met de overige 50 gram granola door het bonenmengsel. Verdeel het bonenmengsel over muffinbakvormpjes en zet voor ongeveer 30 minuten in de oven. Laat de brownies daarna goed afkoelen en smullen maar!
    Dit artikel is geschreven in samenwerking met Meesters van de Halm. Voor meer info over Meesters van de Halm verwijs ik je graag door naar m’n artikel met de sushi met havergrutten of natuurlijk gewoon hun eigen site!
    Dit artikel is geschreven in samenwerking met Meesters van de Halm. Voor meer info over Meesters van de Halm verwijs ik je graag door naar m’n artikel met de sushi met havergrutten of natuurlijk gewoon hun eigen site!

    Vegan kipsamosa’s

    Een samosa is een heel lekker Indiaas deeghapje met vulling. Je hebt normaal gesproken een vegetarische versie en een kipversie. Omdat vegetarische kipstuckjes me hier heel lekker in leken, besloot ik gewoon voor de vleesversie te gaan – vegan of course. ????
    M’n vriend en ik aten ze als hapje bij een Harry Potter-film, maar je kunt ze ook als voor- of bijgerecht eten!
    Voor 10 samosa’s
    • 1 pakje hartig taartdeeg van Koopmans
    • 1 bakje vegetarische kipstuckjes
    • 1 bosuitje
    • 1 grote aardappel
    • 40 gram diepvrieserwten
    • 1 teentje knoflook
    • 1 theelepel geraspte gember
    • Paprikapoeder
    • Komijn
    • Kerriepoeder
    • Kurkuma
    • Chilipoeder
    • Zout
    • Olijfolie
    1. Verwarm de oven voor op 200 graden en leg de vellen deeg op het (schone) aanrecht, zodat ze kunnen ontdooien. Haal ook vast de erwtjes uit de diepvries.
    2. Schil de aardappel, snij in blokjes en kook in een kwartiertje gaar.
    3. Snij ondertussen de kipstuckjes wat kleiner. Verhit wat olie in de pan en bak hierin de kipstuckjes. Pers een knoflookteentje uit en voeg lekker wat van de aangegeven kruiden bij de kipjes. Rasp een theelepel gember, snij de bosui in ringetjes en voeg dit samen met de erwtjes bij de kipstuckjes. Laat nog een paar minuutjes bakken.
    4. Giet ondertussen de aardappeltjes af, maar bewaar wel een klein beetje kookvocht. Stamp met dit vocht een puree van de aardappel. Er mogen best wat grove stukjes in zitten!
    5. Maak rondjes van de deegvellen door er een schaaltje op te zetten (op de kop dus) en de zijkanten weg te snijden. Beleg de helft van het rondje met vulling en vouw dan dicht. Druk de zijkanten goed aan met een vork. Leg de samosa’s op een met bakpapier beklede bakplaat en bestrijk ze met een beetje olijfolie. Na 20 minuutjes in de oven zijn ze ready to eat! Lekker met chilisaus on the side.